Aanmelden
 Gratis registreren
Zoeken
214 Fans

Hoge Raad 01-02-2005, LJN AP4584

 

Datum uitspraak: 01-02-2005
Datum publicatie: 01-02-2005
Rechtsgebied: Straf
Soort procedure: Cassatie
Status: gepubliceerd
Zaaknummers 00047/04 E
Inhoudsindicatie: Vuurwerkramp Enschede. 1. 's Hofs afwijzing van het verzoek tot toevoeging aan het dossier van niet openbaar gemaakte onderzoeksverslagen van de Commissie onderzoek vuurwerkramp is onjuist noch onbegrijpelijk. 2. 's Hofs afwijzing van het verzoek twee verbalisanten als getuigen te horen is toereikend gemotiveerd. 3. 's Hofs oordeel dat indien er veronderstellenderwijs van wordt uitgegaan dat de uitlating van de HOvJ dat er bij verdachtes bedrijf "te veel vuurwerk lag" inbreuk maakte op art. 6.2 EVRM, die inbreuk niet leidt tot niet-ontvankelijkheid van het OM in de strafvervolging, is onjuist noch onbegrijpelijk. 4. Verdachte heeft geen belang bij zijn klacht over de afwijzing van het verzoek om de HOvJ als getuige te horen, nu het hof is uitgegaan van de juistheid van hetgeen hij volgens de verdediging heeft gezegd. 5. De opvatting dat het rechtens niet mogelijk is feitelijke leiding te geven aan een overtreding, te weten het niet-opzettelijk handelen in strijd met de desbetreffende vergunningsvoorschriften, vindt geen steun in het recht. 6. HR leest de bewezenverklaring en kwalificatie van feit 4 (toegesneden op art. 158.3 (oud) Sr) aldus verbeterd dat deze uitsluitend ziet op feitelijke leiding geven, nu de bewijsmiddelen niets inhouden omtrent het opdracht geven aan de bedoelde feiten. Een keuze tussen 'opdracht geven' en 'feitelijke leiding geven'is van geen belang voor de strafrechtelijke betekenis van het bewezenverklaarde. 7. Het hof heeft zonder miskenning van het begrip 'schuld' in de zin van art. 158 (oud) Sr uit de bewijsmiddelen kunnen afleiden dat het geheel van handelen en nalaten van beide verdachten getuigde van de bewezenverklaarde aanmerkelijke onvoorzichtigheid en nalatigheid en dus van schuld in de bedoelde zin van het bedrijf van verdachten. 8. Art. 20.8 Wm is niet van toepassing in een situatie als de onderhavige, waarin de milieuvergunning betrekking heeft op activiteiten binnen de inrichting, terwijl er al zeecontainers waren opgericht, zij het zonder bouwvergunning.
 
Uitspraak op Jure.nl:

Gerelateerde nieuwsberichtenGerelateerde nieuwsberichten:


 Published by  Developed by  Powered by
Rechtenmedia Rechtenmedia
Blue Horizon Blue Horizon
Up2Serve
© 2004 - 2013 Rechtennieuws.nl Alle rechten voorbehouden.