Leges zijn een heffing voor het genot van bepaalde door een gemeente geleverde diensten waaraan een individualiseerbaar belang ten grondslag ligt. Hof Den Bosch heeft onlangs beslist dat een gemeente in 2004 geen leges mocht heffen voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een Nederlandse identiteitskaart.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
Het hof was van oordeel dat met de inwerkingtreding van de Wet op de identificatieplicht op 1 juni 1994 de Nederlandse identiteitskaart al in belangrijke mate dienstbaar is geworden aan publieke belangen, maar dat bij latere aanpassing van deze wet in 2004 (Wet op de uitgebreide identificatieplicht) de publieke belangen zodanig zijn gaan overheersen dat het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van deze kaart niet meer kan worden aangemerkt als een dienst in de zin van de Gemeentewet.
Het hof verklaarde daarom de tarieventabel bij de gemeentelijke (belasting)verordening onverbindend voor zover deze betrekking heeft op het in behandeling nemen van een aanvraag tot afgifte van een Nederlandse identiteitskaart. Het hof was verder van oordeel dat aanvraag tot afgifte, vernieuwing of omwisseling van een rijbewijs een werkzaamheid betreft die buiten het gebied van de publieke taakuitoefening ligt en rechtstreeks en in overheersende mate verband houdt met dienstverlening ten behoeve van een individualiseerbaar belang. In zodanig geval mag een gemeente wel leges heffen.
Leges zijn een heffing voor het genot van bepaalde door een gemeente geleverde diensten waaraan een individualiseerbaar belang ten grondslag ligt. Hof Den Bosch heeft onlangs beslist dat een gemeente in 2004 geen leges mocht heffen voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een Nederlandse identiteitskaart maar wel voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een rijbewijs Het hof was van oordeel dat met de inwerkingtreding van de Wet op de identificatieplicht op 1 juni 1994 de Nederlandse identiteitskaart in belangrijke mate dienstbaar is geworden aan publieke belangen. Hierbij valt te denken aan het tegengaan van: financiële fraude, het witwassen van geld, sociale verzekeringsfraude, illegale tewerkstelling, zwart rijden en voetbalvandalisme.
Het hof was van oordeel dat bij latere aanpassing van deze wet in 2004 (Wet op de uitgebreide identificatieplicht) en de aanpassing van de Kieswet per 1-1-2010 (identificatie nodig om te mogen stemmen) de publieke belangen nog verder zijn gaan overheersen. Het hof stelde dat de overheersing van publieke belangen in zodanige mate heeft plaatsgevonden dat het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van deze kaart niet meer kan worden aangemerkt als een dienst in de zin van de Gemeentewet. Het hof verklaarde daarom de tarieventabel bij de gemeentelijke (belasting)verordening onverbindend voor zover deze betrekking heeft op het in behandeling nemen van een aanvraag tot afgifte van een Nederlandse identiteitskaart.
Het hof was van oordeel dat aanvraag tot afgifte, vernieuwing of omwisseling van een rijbewijs een werkzaamheid betreft die buiten het gebied van de publieke taakuitoefening ligt en rechtstreeks en in overheersende mate verband houdt met dienstverlening ten behoeve van een individualiseerbaar belang. In zodanig geval mag een gemeente wel leges in rekening brengen.

