In een democratische rechtsstaat is het belangrijk dat er controle is op het handelen van onder meer ministers, staatssecretarissen, colleges van B en W en burgemeesters. Die controle wordt in het Nederlandse staatsrecht uitgeoefend door de volksvertegenwoordiging op nationaal en decentraal niveau. Bestuurders en bestuursorganen zijn daarom vaak verplicht om aan de volksvertegenwoordiging inlichtingen te geven of verantwoording af te leggen. Die verplichtingen zijn echter niet onbeperkt. In een aantal gevallen heeft de wetgever uitzonderingen erkend, veelal ter bescherming van zwaarwegende belangen. Welke belangen dat precies zijn is echter onduidelijk, omdat de wetgever de uitzonderingen veelal omschrijft met vage termen als ‘belang van de staat’, ‘openbaar belang’ en ‘dwingende redenen’. Deze uitzonderingen worden wel aangeduid als verschoningsgronden. Promovendus Munneke stelt deze verschoningsgronden in zijn onderzoek centraal.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
| Omdat de termen zo vaag zijn is er veel onduidelijkheid over de vraag wanneer inlichtingen nu gerechtvaardigd kunnen worden geweigerd. Dat blijkt ook in de praktijk, waarin men tracht elke inlichtingenweigering tot een verschoningsgrond te herleiden. Munneke probeerde de ontstane onduidelijkheid te verhelderen. Een belangrijk uitgangspunt is dat niet elke inlichtingenweigering tot een verschoningsgrond moet worden herleid. De inlichtingenplichten kennen hun eigen grenzen: waar zo’n grens wordt overschreden, bestaat geen inlichtingenplicht meer. Een beroep op een verschoningsgrond ter rechtvaardiging van en inlichtingenweigering is dus niet nodig. Bovendien is het geven van inlichtingen niet hetzelfde als het openbaar maken van informatie: inlichtingen kunnen achter gesloten deuren of onder geheimhouding worden gegeven. Door dergelijke onderscheidingen aan te brengen wordt voorkomen dat de vage verschoningsgronden in betekenis worden opgerekt. Daardoor blijven begrippen helderder en vallen inlichtingenweigeringen beter te normeren en controleren.
S.A.J. Munneke, Inlichtingenplichten en verschoningsgronden in het staatsrecht(diss. Groningen), Deventer: Kluwer 2006 |
Curriculum vitae
Solke Munneke (Stadskanaal, 1975) studeerde rechten aan de RUG. Hij verrichtte zijn promotieonderzoek bij de vakgroep staatsrecht en internationaal recht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. Munneke is nu werkzaam als universitair docent staats- en bestuursrecht bij de Vrije Universiteit te Amsterdam. Over de promotie Kolkman promoveerde donderdag 1 juni 2006 om 16.15 uur in de aula van de Rijksuniversiteit Groningen (Broerstraat 5, Groningen) op het proefschrift Inlichtingenplichten en verschoningsgronden in het staatsrecht. Promotores zijn prof.mr. D.J. Elzinga en prof.mr. A.H.M. Dölle. |

