Bestuurders die door de politie zijn betrapt op rijden onder invloed kunnen worden bestraft. De wet biedt hiervoor voldoende mogelijkheden. Dat stelt het Bureau Verkeershandhaving vandaag in reactie op de berichtgeving over de ‘onbevoegdheid’ van agenten om een ademanalyse af te nemen.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
In de pers werd gesuggereerd dat drankrijders mogelijk vrijspraak tegemoet kunnen zien als blijkt dat de agent die de ademanalyse heeft afgenomen daar geen officiële beschikking voor heeft.
Geen reden voor twijfel
Alle agenten die werken met ademanalyse-apparatuur zijn daarvoor opgeleid. Er bestaat daarom geen reden om te twijfelen aan hun vakbekwaamheid. Naast de opleiding dient de korpsleiding de agenten – voor zover dit nog niet is gebeurd – echter ook formeel aan te wijzen als bedienaar van de ademanalyse-apparatuur. De vraag is of een verzuim op dit punt de verdachte zodanig in zijn belangen schaadt dat vrijspraak moet volgen.
Laatste woord aan de rechter
Naar de mening van het BVOM zijn er – in de gevallen dat een agent niet formeel is aangewezen – wel degelijk juridische mogelijkheden om een straf op te leggen. Het is uiteindelijk aan de rechter om hierover in individuele zaken een beslissing te nemen. In de zaak die in Zwolle / Lelystad diende, is de ademanalyse niet als bewijs gebruikt. Er was – in tegenstelling tot wat in de media is geschreven – voldoende bewijs om de betrokkene te veroordelen voor rijden onder invloed.

