Het Gerechtshof Amsterdam heeft 18 juni 2010 in hoger beroep de 62-jarige A.J.H. wegens medeplegen van mishandeling de dood ten gevolge hebbende, wederrechtelijke vrijheidsberoving en het voorhanden hebben en het vervoer van een grote partij hasj veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 jaar.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
Begin 2005 is het slachtoffer in deze zaak, na eerst te zijn bedreigd, ontvoerd en overgebracht naar een plaats in Roosendaal alwaar hij werd vastgehouden, bedreigd en mishandeld. Daarbij is hij onder meer met een elektrische boormachine in zijn knieën geboord. Dit alles omdat het slachtoffer ervan werd verdacht een partij hasj van enige duizenden kilo’s te hebben gestolen. Het slachtoffer is uiteindelijk in die woning overleden.
Medeverdachten vrijgesproken
Twee medeverdachten zijn vrijgesproken van de verdenking van betrokkenheid bij de mishandeling en de wederrechtelijke vrijheidsberoving. Wel is de een, de 44-jarige M.S., veroordeeld voor het medeplegen van de bedreiging van het slachtoffer tot een gevangenisstraf van 9 maanden. Eerder had de rechtbank Alkmaar de betrokkenheid van S. bij de mishandeling met voorbedachte raad, de dood ten gevolge hebbende, en de wederrechtelijke vrijheidsberoving wel bewezen verklaard en hem veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar en 6 maanden.
Verdovende middelen
De andere verdachte, de 42-jarige K.E., is, evenals door de rechtbank, slechts veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 maanden wegens het aanwezig hebben van een hoeveelheid verdovende middelen. Daarnaast is hij in hoger beroep tevens veroordeeld tot een geldboete van € 5.000,-.

