De ministerraad heeft er op voorstel van minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken en Integratie mee ingestemd om de bestaande regelingen voor het beoordelen van aanvragen voor toelating en verblijf voor religieuze of levensbeschouwelijke doeleinden samen te voegen tot een nieuwe. Nu zijn er nog aparte regelingen voor geestelijk bedienaren en voor kloosterlingen en zendelingen. Dit blijkt uit de kabinetsreactie op het concept- en het aanvullende advies van de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken ‘Toelating en verblijf voor religieuze doeleinden’ (juli en november 2005).
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
Vreemdelingen die naar buiten treden met een religieuze of levensbeschouwelijke boodschap, vallen straks onder één centraal begrip: ‘geestelijk bedienaar’. Hiertoe behoren geestelijk bedienaren, kloosterlingen en zendelingen. Uitgezonderd zijn bijvoorbeeld kloosterlingen die vooral binnen de muren van het klooster werken en hun godsdienstige of levensbeschouwelijke visie niet naar anderen uitdragen.
De vreemdeling, die als geestelijk bedienaar naar Nederland wil komen, dient te voldoen aan de voorwaarden uit de Vreemdelingenwet 2000, evenals de organisatie die vraagt om hun overkomst. Er wordt ook gekeken of zo‘n organisatie zich binnen de Nederlandse rechtsorde beweegt. Verder wil het kabinet dat een geestelijke bedienaar – net als een vreemdeling met een ander verblijfsdoel – na vijf jaar een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd kan aanvragen.
De Wet inburgering buitenland geldt voor iedere vreemdeling die toelating wenst als geestelijk bedienaar, behalve als het verkrijgen van een machtiging tot voorlopig verblijf voor hem of haar niet verplicht is. Het kabinet zal daarbij geen onderscheid maken tussen oudkomers en nieuwkomers. Voor beide groepen geldt een aanvullende inburgeringsplicht. Ze worden daarbij getoetst op aanvullende kennis van en vaardigheden in de Nederlandse samenleving, maar in het geloof wordt niet getreden. Geestelijk bedienaren moeten het aanbod van de inburgeringsvoorziening accepteren. Zo niet, dan volgt een sanctie, zoals een bestuurlijke boete of het niet verkrijgen van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd.
De Wet arbeid vreemdelingen blijft van toepassing op geestelijk bedienaren. Wel kan, als er te weinig geestelijke bedienaren zijn, tijdelijke ontheffing verleend worden van de toets op prioriteitsgenietend aanbod. De noodzaak hiertoe vervalt als dit aanbod er wel is, bijvoorbeeld door aanbod van afgestudeerden van een imamopleiding in Nederland.
Het nieuwe beleidskader zal op 1 september 2006 van kracht worden.

