Voor een publicatieverbod van verkiezingspeilingen in de week voorafgaand aan de verkiezingen
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
De kiezer heeft gesproken. Bijna tenminste, want op het moment van schrijven staat de verkiezingsuitslag nog niet helemaal, laat staan officieel vast. Toch is wel duidelijk waar het heengaat. VVD is de grootste geworden, daarna de PvdA, dan de PVV, etc. Hier wil ik over de behaalde resultaten niets anders zeggen dan: Winnaars, gefeliciteerd!
Maar daar begint meteen het probleem. De SP verliest, maar “met een gouden randje”. Een zetelverlies van 10 is daarmee toch nog een beetje een overwinning. Net zo heeft de PvdA een zetelverlies van 2 geïncasseerd en werd er toch redelijk feestgevierd. En D66 is meer dan verdrievoudigd en is blij, terwijl die uitkomst ergens ook moet tegenvallen. Een tijd geleden stond die partij er in de peilingen immers een stuk beter voor. Last but not least de PVV, die dubbel feest kan vieren. Niet alleen is er immers een flinke zetelwinst geboekt, ook ten opzichte van de gunstige peilingen heeft de partij nog een flinke sprong gemaakt. Mijn punt is dit. De peilingen vormen in een verkiezingsstrijd een eigen realiteit, die soms ‘echter’ lijkt dan de werkelijk bezette zetelaantallen. Daarmee is alle winst en verlies zo relatief dat we bijna zouden vergeten dat het om dat laatste gaat. Een Kamermeerderheid bestaat immers uit de helft plus minstens 1 van de daadwerkelijk bezette zetels en niet uit dat aantal virtuele dagkoerszetels.
In zijn algemeenheid is dit een fenomeen waarmee valt te leven, dat een nuttige en soms lollige aanvulling kan zijn op de beslommeringen van de dagelijkse politiek. In verkiezingstijd kan dat echter anders zijn. De laatste week leek het alsof eerst de PvdA en daarna de VVD al gewonnen had voordat er ook maar 1 stem was uitgebracht. Het resultaat ervan was dat met name de media, maar vermoedelijk ook kiezers sterk op de peilingen reageerden. Zo gaf de NRC Next op de verkiezingsdag zelfs strategisch-stemadvies. Wie een linksig kabinet wilde voorkomen kreeg de suggestie CDA te stemmen, wie de PVV uit het kabinet wilde houden kon het beste een PvdA-vakje roodkleuren en wie Balkenende 5.0 wilde blokkeren zou het beste af zijn met een stem op PvdA of VVD.
Dat kiezers strategisch stemmen is begrijpelijk en prima. Wat ik echter jammer vindt is dat het op een gegeven moment alleen nog maar daarover gaat. Het lijkt er soms zelfs op de we de premier kiezen of dat we alleen in relatie tot de voorkeuren van anderen weten wat we moeten stemmen. Toegegeven, uiteindelijk valt het mee hoe ver de PvdA en de VVD elkaar opgestuwd hebben en is het – in tegenstelling – juist verbazingwekkend dat er zo’n beetje alleen middenpartijen over zijn. Maar toch. Peilingen lijken, zeker in de laatste week voor de verkiezingen, meer een werkelijkheid te creëren dan dat ze haar beschrijven. Dat vind ik een slechte zaak. Verkiezingen gaan wat mij betreft immers over de vraag hoeveel steun er op de verkiezingsdag is voor bepaalde ideeën en niet over de vraag wie er meer of minder populair is dan vorige week.
Wat mij betreft zou het daarom verstandig zijn een wettelijk publicatieverbod van verkiezingspeilingen in de week voor de verkiezingsdag af te kondigen. Daarmee wordt de kans verkleind dat ze de werkelijkheid meer sturen dan vastleggen. Hopelijk verkleint dit bovendien het aantal kiezers dat zijn stem baseert op virtuele, maar o zo werkelijke getallen en vermindert het de notie van de dagwaarde van politici. We hebben al paniek genoeg op de beurzen, dus laten we proberen ons politieke hoofd koel te houden. Ook met deze ingewikkelde uitslag.
mr. Michiel Duchateau, Rijksuniversiteit Groningen

