De Wet belastingen van rechtsverkeer kent een fiscale faciliteit voor kort opeenvolgende verkrijgingen van dezelfde onroerende zaak. De faciliteit betreft een vermindering van de te betalen overdrachtsbelasting bij een verkrijging binnen zes maanden na de vorige verkrijging. Voor de toepassing van deze verminderingsfaciliteit gelden enkele aanvullende voorwaarden.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
De vermindering wordt bereikt door de heffingsgrondslag voor de overdrachtsbelasting (de waarde van de verkrijging, in beginsel gelijk aan de koopprijs) te verminderen met de koopprijs van de vorige verkrijging. Hof Den Bosch heeft in een feitelijke procedure beslist dat de inspecteur de vermindering bij een kort opeenvolgende verkrijging niet kon baseren op één (gemiddelde) waarde per vierkante meter grond. Het stond vast dat een gedeelte van een oorspronkelijk groter perceel grond de bestemming bouwgrond had en een ander gedeelte niet.
De vermindering voor het afgesplitste gedeelte van het perceel grond met de bestemming bouwgrond moest worden gebaseerd op een waarde per vierkante meter grond, rekening houdende met de bestemming van die grond. De waarde per vierkante meter grond van dat bouwperceel was veel hoger dan de gemiddelde waarde per vierkante meter van het oorspronkelijke grotere perceel. In deze procedure was de latere koopster van de bouwgrond daardoor helemaal geen overdrachtsbelasting meer verschuldigd.
De Wet belastingen van rechtsverkeer kent een fiscale faciliteit voor kort opeenvolgende verkrijgingen van dezelfde onroerende zaak. De faciliteit betreft een vermindering van de te betalen overdrachtsbelasting bij een verkrijging binnen zes maanden na de vorige verkrijging. Voor de toepassing van deze verminderingsfaciliteit gelden enkele aanvullende voorwaarden. De vermindering wordt bereikt door de heffingsgrondslag voor de overdrachtsbelasting (de waarde van de verkrijging, in beginsel gelijk aan de koopprijs) te verminderen met de koopprijs van de vorige verkrijging. Hof Den Bosch heeft in een feitelijke procedure uitspraak gedaan over de grondslagvermindering bij een kort opeenvolgende verkrijging. Sterk vereenvoudigd weergegeven was de zaak als volgt.
Een bouwbedrijf kocht op 7 juni 2005 een onroerende zaak (grond, erf, tuin en verdere aanhorigheden) met daarop een woning. Het bouwbedrijf wilde de woning slopen en op het perceel zes nieuwe woningen bouwen. De gemeente verleende de sloopvergunning echter niet en wees bovendien de bouwvergunning van twee woningen af. De percelen voor deze woningen grensden namelijk aan een bedrijventerrein en hadden (nog) geen bestemming bouwgrond. Het bouwbedrijf ging er vervolgens toe over om delen van de onroerende zaak afzonderlijk te verkopen.
Een vrouw kocht op 5 december 2005 een perceel grond van het bouwbedrijf om daarop een woning te laten bouwen. Zij verzocht de inspecteur om een vermindering in de overdrachtsbelasting wegens een kort opeenvolgende verkrijging. De inspecteur verleende de vermindering en ging daarbij uit van één waarde per vierkante meter voor het hele door het bouwbedrijf aangekochte perceel. De inspecteur stelde dat het bouwbedrijf op 7 juni 2005 ervan mocht uitgaan dat het een bouwvergunning zou verkrijgen voor alle zes woningen. Daaraan verbond de inspecteur de conclusie dat bij de berekening van de vermindering van de overdrachtsbelasting voor de grond één waarde per vierkante meter moest worden genomen.
Het hof maakte echter uit een brief van de gemeente aan het bouwbedrijf op dat het voorlopig niet haalbaar was om een bestemmingswijziging te realiseren voor aan het bedrijventerrein grenzende grondpercelen. Dat had de gemeente ook aangegeven in diverse eerdere gesprekken met het bouwbedrijf.
Hieruit leidde het hof af dat het bouwbedrijf op 7 juni 2005 objectief beschouwd geen gerechtvaardigde hoop kon hebben dat het een bouwvergunning zou verkrijgen voor de bouw van twee aan het bedrijventerrein grenzende woningen. Dat was objectief beschouwd een ernstige belemmering waarmee rekening moest worden gehouden in de objectieve waardebepaling. De inspecteur volgde het hof in zijn redenering en gaf toe dat zijn berekening van de vermindering niet juist was.

