Blijkens jurisprudentie van de civiele rechter is bij gedeeltelijke hervatting van de bedongen arbeid, al dan niet op arbeidstherapeutische basis, sprake van doorlopende arbeidsongeschiktheid in de zin van artikel 7:629 van het Burgerlijk Wetboek. Uit deze jurisprudentie blijkt bovendien dat er sprake is van doorlopende arbeidsongeschiktheid indien een werknemer na een periode van arbeidsongeschiktheid volledig het werk hervat, maar binnen vier weken na de hervatting weer arbeidsongeschikt wordt.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
In het onderhavige geval heeft betrokkene het werk niet eerder dan op 1 april 2001 in volle omvang hervat. Betrokkene is op 1 december 1998 volledig arbeidsongeschikt geworden en heeft haar arbeid op 1 december 1999 slechts gedeeltelijk in aangepaste vorm op arbeidstherapeutische wijze hervat. Op de datum in geding (1 december 2000) is sprake van doorlopende arbeidsongeschiktheid.

