Bij privatisering van een gemeentelijke dienst is er volgens een uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam op 12 april 2010 (LJN BM7560) geen sprake van overgang van onderneming als bedoeld in artikel 7:662 e.v. BW. De nieuwe werkgever na privatisering mag, indien een werknemer de hem aangeboden arbeidsovereenkomst niet getekend heeft ingeleverd en evenmin op zijn werk is verschenen er bovendien niet zonder meer van uitgaan dat die werknemer heeft afgezien van indiensttreding; hij heeft een zorgplicht om zich hiervan terdege te vergewissen.
Prijs vergelijk ADSL, kabel, glasvezel aanbieders en bespaar geld door over te stappen!
X is per 1 september 2001 in dienst getreden bij de gemeente Amsterdam, Dienst Stadstoezicht, in de functie van parkeercontroleur A. Op grond van een besluit van de gemeente Amsterdam is de afdeling Parkeerhandhaving later verzelfstandigd. In verband hiermee zijn de activiteiten van de Dienst Stadstoezicht per 1 januari 2010 overgegaan naar Cition.
In een brief van 7 december 2009 van de Dienst Stadstoezicht aan X wordt aan X ontslag verleend bij de Dienst Stadstoezicht. Voorts vermeldt de brief dat aan X aansluitend aan de ontslagdatum een arbeidsovereenkomst met Cition wordt aangeboden. De brief vermeldt dat de consequentie van het niet tekenen van de arbeidsovereenkomst met Cition betekent dat X dan niet bij Cition in dienst zal komen en verwijtbaar werkloos zal worden. X stond op 5 januari 2010 ingeroosterd om zijn werkzaamheden voor Cition te verrichten. X heeft op die dag niet gewerkt. Bij brief van 21 januari 2010 heeft Cition aan X bevestigd dat er in verband met het niet tekenen van de arbeidsovereenkomst en het zich niet melden op het werk op 5 januari 2010 er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst tussen X en Cition.
Bij brief van 25 februari 2010 heeft de gemachtigde van X zich op het standpunt gesteld dat er een arbeidsovereenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. De gemachtigde sommeert Cition X toe te laten tot zijn werkzaamheden. Tevergeefs, zodat X in kort geding voor de Rechtbank Amsterdam onder meer vordert te worden toegelaten tot zijn werkzaamheden op straffe van een dwangsom, met doorbetaling van het salaris vanaf 1 januari 2010. Primair stelt X dat er geen nieuwe arbeidsovereenkomst vereist is, omdat ook aan ambtenaren een beroep toekomt op artikel 7:662 e.v. BW, subsidiair stelt hij dat een arbeidsovereenkomst tot stand is gekomen doordat hij het aanbod van Cition tot het sluiten ervan heeft aanvaard. X stelt dat hij op 5 januari 2010 de door hem getekende arbeidsovereenkomst heeft willen bespreken, maar dat dit die dag niet mogelijk bleek.
Cition voert gemotiveerd verweer tegen de vordering van X. Cition voert onder meer aan dat er geen sprake is van automatische overgang van de Dienst Stadstoezicht naar Cition. De medewerker dient dat besluit volgens Cition zelf te nemen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot overgang van onderneming (art. 7:662 BW e.v.) niet van toepassing zijn op de privatisering van overheidsdiensten. Een beroep op die bepalingen komt X dan ook niet toe.
De voorzieningenrechter oordeelt echter ook dat uit het sociaal plan dat in verband met de overgang van de Dienst Stadstoezicht naar Cition is opgemaakt en waarvan moet worden aangenomen dat daaraan niet alleen de Dienst Stadstoezicht, maar ook Cition daaraan gebonden is, blijkt dat daarin het uitgangspunt is een één op één overgang van werknemers in hun eigen functie. Niet blijkt dat er ook maar één enkele vorm van reorganisatie of herschikking van taken en/of functies is beoogd. Met de overgang is ook geen ingrijpende wijziging in arbeidsvoorwaarden beoogd. Voorts laat het plan zich niet uit over de consequenties die ontstaan als een werknemer de arbeidsovereenkomst niet (tijdig) tekent en retourneert.
Het voorgaande betekent dat de datum van 1 januari 2010, als datum waarop de arbeidsovereenkomst moest zijn geretourneerd, volgens de voorzieningenrechter redelijkerwijze niet kan worden gezien als een fatale termijn voor de aanvaarding van een aanbod tot het sluiten van een arbeidsovereenkomst door het getekend terugsturen ervan. Nu de voorzieningenrechter aannemelijk acht dat de vordering van X tot wedertewerkstelling in een bodemprocedure zal worden toegewezen, oordeelt hij dat Cition X weer tot zijn werkzaamheden als parkeercontroleur A moet toelaten.
mr. Roel Versteeg, BANNING Advocaten

